Utrechters die de gemeenteraad benaderen, doen dat het vaakst per e-mail en vooral als ze het ergens niet mee eens zijn. Dat blijkt uit een klein onderzoek dat op 24 september 2026 op de agenda van de Adviescommissie Participatie stond. Ook stond op de agenda hoe de raad informatie krijgt over samenwerking met inwoners.
Hoe Utrechters contact zoeken met de raad
Het onderzoek 'Jouw contact met de lokale politiek' komt voort uit motie M56 'Participeren kun je leren'. Er deden 90 inwoners mee. Dat is volgens de onderzoekers niet representatief: ouderen en bewoners van Binnenstad, Noordoost, Overvecht en West waren oververtegenwoordigd.
- 82,2% weet dat je contact kunt opnemen met de raad, 46,7% heeft dat ook gedaan
- Voorkeur voor e-mail: 40,7%, persoonlijk gesprek: 22,9%
- Reden voor contact: het ergens niet mee eens zijn (38,7%), ideeën (30,6%), iets willen behouden (26,3%), het ergens mee eens zijn (1,1%)
- Grootste drempel: het gevoel dat er niets met de inbreng gebeurt (31,1%)
De raad heeft ook formele instrumenten. Met een inwonersagendering zet je een onderwerp op de agenda van een raadscommissie, met een inwonersmotie laat je de raad stemmen over een verzoek. Die zijn veel minder bekend dan de petitie: 78,9% kent de petitie, 35,6% de inwonersagendering, 32,3% de inwonersmotie en 22,2% de marktkraam. De marktkraam werd overwegend negatief beoordeeld. Volgens de presentatie van de uitkomsten komt er nog een raadsvoorstel over inwonersagendering en inwonersmotie.
Plannen en verslagen die vaak ontbreken
Bij projecten waarin de gemeente met inwoners samenwerkt, hoort vooraf een samenwerkingsplan: wie mag waarover meepraten. Achteraf hoort er een samenwerkingsverslag bij: wat is er met de inbreng gedaan. Daarmee kan de raad kaders stellen en controleren. Uit de presentatie over informatievoorziening blijkt dat die zelden in het juiste format bij voorstellen zitten.
- Bij 221 projecten in 2025 (49%) werden de termen uit het Kompas voor Zeggenschap gebruikt in college- en raadsvoorstellen
- Een samenwerkingsplan in het juiste format zat bij 3% van de voorstellen, een samenwerkingsverslag bij 4%
- Volgens een steekproef had dat bij circa 30% gemoeten
De adviescommissie opperde eerder dat de raad het samenwerkingsplan zelf zou kunnen vaststellen. In de presentatie staat dat dit voor alle projecten "niet realistisch en niet wenselijk"
is.
Samen stad maken
Ook stond een kennismaking met het beleid Samen stad maken op de agenda, de koers uit 2024 voor samenwerking tussen gemeente en inwoners. Aanleiding was een rekenkamerrapport met de conclusie "we doen ons best, maar het werkt te vaak niet"
. Een 'kompas voor zeggenschap' onderscheidt vormen van samenwerking, van "Utrechter aan zet"
tot "Gemeente aan zet"
. De gemeente wil vaker breed peilen onder inwoners en minder vaak intensief met een kleine groep werken. Volgens de gemeentelijke monitor is de koers goed, "maar we zijn er nog lang niet"
.
Wat lag er voor
- Onderzoek naar het contact tussen Utrechters en de raad, met als vraag wat de commissie ermee wil
- Vragen aan raadsleden over wat zij nodig hebben bij samenwerkingsplannen en samenwerkingsverslagen
- Kennismaking met het beleid Samen stad maken, met een aanbod voor werkbezoeken en verdiepende sessies
